10. Met het openbaar vervoer
Ela wil met het openbaar vervoer reizen.
Ze leest eerst een folder hoe het werkt.
Gaat u met het openbaar vervoer?
Koop dan een ov-chipkaart.
Nu kunt u inchecken met de ov-chipkaart
Houd de kaart voor de paal/poort.
U hoort piep en gaat een groen lampje branden.
U mag nu in instappen.
De conducteur komt langs om de kaart te controleren.
Dit hoort bij zijn werk.
De conducteur vraag: mag ik uw vervoerbewijs zien?
En zegt: dank u wel, een fijne reis verder!
Gaat u eruit?
Vergeet niet even uit te checken bij de paal/poort
Houd de kaart weer voor de paal/poort.
Wacht op de twee piepjes.
De reis is klaar.